|
Stephan Balleux -
°1974 in Brussel, België, leeft en werkt in Berlijn, Duitsland
Voor de tentoonstelling Coup de Ville realiseert Balleux Blind spots, een muurschildering die inspeelt op de wijkende muurvlakken in een handelspand. In dit kunstwerk speelt hij in op onze veranderende perceptie door het innemen van verschillende standpunten ten opzichte van een kunstwerk. De particulariteit van de muur, met drie verspringende vlakken, zorgt ervoor dat er hiaten ontstaan in onze waarneming. Elke voorstelling die bij het betreden van de ruimte van schuin vooraan bekeken wordt, vertoont dus feitelijk blinde vlekken. Door deze leemten bewust op te nemen in de schildering ontstaat een trompe-l’oeileffect waardoor men de voorstelling toch als een ononderbroken geheel ervaart. Wanneer men de muurschildering echter frontaal bekijkt, ziet men een discontinue voorstelling. Door de waarneming vanuit één specifieke plek in de ruimte ontstaat de illusie van een driedimensionale vorm.
Marc Bijl -
°1970 in Leerdam, Nederland, leeft en werkt in Berlijn, Duitsland
Voor Coup de ville legt Marc Bijl een - vanuit een traditioneel artistiek oogpunt - fout beeldenpark aan in de tuin van een privéwoning. Hij gebruikt daarvoor decoratieve sculpturen die in grote oplage in tuincentra worden verkocht. Het voor de hand liggende pastorale en feeërieke geluk, dat dit soort van beelden oproept, transformeert de kunstenaar met zilver- en zwarte verf en kaarsen tot een surrealistisch altaar. Het lijkt een beeldenkerkhof waarin een ironische link ontstaat tussen ‘dode’ steden in verval en het toerisme op kerkhoven vol luisterrijke grafmonumenten. Desintegration is een mengeling van romantische idolatrie, vandalisme en de onderstreept de ondergraving van onze maatschappij door de kunstenaar.
Katinka Bock -
°1976 in Frankfurt am Main, Duitsland, leeft en werkt in Parijs, Frankrijk
Bock realiseert de installatie Aussicht zu zweit in een vertrek dat voorheen fungeerde als textielwerkplaats in de tuin van een herenhuis. Door de ramen te voorzien van mat reliëfglas werd de doorkijk van het personeel naar de tuin toe voorkomen. In Aussicht zu zweit vervangt Katinka Bock twee ruiten door transparant glas en voegt een spiegel toe waardoor de toeschouwer met zichzelf geconfronteerd wordt. De minimalistische compositie bestaat verder uit een metalen U-profiel. Van het pleister dat op de stang werd aangebracht, liggen de overtollige druipresten op de vloer, zoals vogels hun uitwerpselen achterlaten op de grond. Twee dwarse houten panelen persen stukken textiel en gedroogde bloemen samen. De kunstenares condenseert de natuur van het exterieur en de textielproductie die binnenin plaatsvond tot een stilleven. Met het stuk Belgische graniet verwijst Bock naar de lokale traditie van huisnijverheid.
Michaël Borremans -
°1963 in Geraardsbergen, België, leeft en werkt in Gent, België
The feeding (2006) is een naar dvd getransfereerde 35 mm-film die in loop wordt afgespeeld. In de tentoonstelling wordt de film gecombineerd met olieverfschetsen, die er inhoudelijk nauw mee samenhangen. Wat deze kunstwerken met elkaar verbindt, is de fascinatie voor het goochelen en het (oog)bedrog. Hierdoor wordt de illusie gewekt dat dingen verdwijnen en verschijnen of dat de natuurwetten overstegen worden. Het oorspronkelijke vertrekpunt is een foto waarin zwarten hun blanke meesters bedienen tijdens een maaltijd. De zwarte bedienden zijn door het wegfilteren van de blanken het enige onderwerp geworden. Alle aandacht gaat naar de tafel waarrond zich een ritueel afspeelt en lijkt te zweven in de ruimte. Borremans’ keuze voor deze film en de olieverfschilderijen is ingegeven door de aard van de woning met oorspronkelijk een duidelijke scheiding tussen werk- en leefruimten voor het personeel en de bewoners zelf.
Johan Creten -
°1963 in Sint-Truiden, België, leeft en werkt in Parijs, Frankrijk
Johan Creten verwijst in zijn bronzen sculptuur The collector naar het motief van de bijenkorf uit een gravure, De Hoop, van Pieter Bruegel de Oude. The collector is een hybride wezen dat het lichaam van een eekhoorn heeft met een korf als bekroning van de kop en als flankering aan de basis. Dit nieuwe, meer dan levensgrote beeld maakt deel uit van een reeks creaties die het alter ego van de (kunst)verzamelaar representeren. Creten aanziet de individuele daad van het verzamelen als een positieve bijdrage aan de maatschappij. De samenleving is gerepresenteerd in, The community, vier gedeeltelijk vergulde korven die van ogen en mond voorzien zijn. Creten typeert de verzamelaar als iemand die bewaart voor de toekomst en daardoor als een doorgeefluik naar de komende generaties fungeert.
Eric Croux -
°1951 in Bilzen, België, leeft en werkt in Hasselt, België
Met de installatie (T)Here roept Eric Croux de herinnering op aan een woon-, slaap- en badkamer in de leegstaande woning van zijn vader, die ondertussen is afgebroken. Vanuit de vraag: “Wat is er nog, wat is er niet meer?â€, werkte hij rond een ontwerp dat de constructie, deconstructie en reconstructie met elkaar verenigt en de ruimte visueel vereenvoudigt aan de hand van een abstracte vormentaal. De oorspronkelijke objecten en de omgang ermee zijn op deze manier herleid tot constructieve ribben, lijnen, slijtageplekken, afdrukken of nauwelijks traceerbare sporen. Ook wij werken als publiek, door ons kijken en denken, verder geestelijk mee aan de vorming van het kunstwerk. Onze herinneringen zijn reconstructies, qua verbeeldingskracht steeds ongelimiteerd, maar nooit volledig. Deze onvolledigheid maakt dat we als mens genoodzaakt zijn elkaars geheugen te vervolledigen.
Flavio Cury -
°1973 in São Paulo, Brazilië, leeft en werkt in Parijs, Frankrijk
De video-installatie Finis gloriae mundi van Flavio Cury ontleent zijn naam en inspiratie aan een schilderij van de 17de-eeuwse Spaanse meester Juan de Valdés Leal. Het dominante motief in Valdés’ werk is een weegschaal die goed en kwaad afweegt. In zijn video vervangt Cury dat beeldelement door een kolossale luchter die hij filmde in een religieuze ruimte. De krap gekadreerde luchter bengelt zacht, maar onheilspellend in de hoogte. Wanneer hij uit het beeldkader verdwijnt, suggereert enkel het geluid dat hij valt en breekt. De wereldlijke schoonheid is volgens het barokke concept van de vanitas fragiel en vergankelijk. Het geprojecteerde beeld binnenin is gericht naar de straatzijde en naar het kerkhof dat wat verderop achter een haag verscholen zit.
Hans Demeulenaere -
°1974 in Oostende, België, leeft en werkt in Brugge, België
Hans Demeulenaere is gefascineerd door plattegronden, schaalmodellen en architectuur. De installatie re-flex/flex/re-flection synthetiseert drie architecturale inspiratiebronnen. Zo verwerkt de kunstenaar schaalmodellen van gerealiseerde woningen door architect Jao Smet, zijn gastheer. Het decor uit Alfred Hitchcocks film Rope (1948) vormt een tweede belangrijke component en ten slotte is er de bestaande architectuur van het woonhuis waarin de installatie opgebouwd wordt. De focus van Demeulenaere gaat bij elk van deze inspiratiebronnen uit naar het spel, de weerkaatsing of de nabootsing van het licht in de ruimte. Met behulp van spiegels en diaprojectoren recreëert Demeulenaere de lichtomstandigheden van de ruimte. Zijn nieuwe constructie in het bestaande gebouw fungeert als een echo, maar tevens als een vervalsing van de realiteit.
Fred Eerdekens -
°1951 in Heusden-Zolder, België, leeft en werkt in Hasselt, België
Belangrijk voor Fred Eerdekens zijn de taalelementen die in zijn voorwerpen verborgen zitten of de mogelijkheid die geboden wordt om er taal in te herkennen. Dit houdt in dat een object ontcijferd dient te worden om er betekenis in te vinden. Eerdekens realiseert een labyrint bij het WARP-koetshuis. De toeschouwer kan er effectief in binnentreden: hij baant zich dan een weg langs wandelpaden, die worden afgelijnd door hoog opgetrokken muren. Precies deze wanden vormen woorden, zinnen, zelfs een verhaal dat de bezoeker nodig heeft om op een efficiënte manier de uitgang te vinden. Binnenin de constructie is het echter onmogelijk om de tekst te lezen. De meest comfortabele leespositie bevindt zich buiten het doolhof. De kunstenaar ziet hierin een parallel met levenservaringen die vaak slechts begrepen worden nadat men er afstand van heeft genomen of ze vanuit een ander perspectief heeft kunnen bekijken.
Nezaket Ekici -
°1970 in Kirsehir, Turkije, leeft en werkt in Berlijn, Duitsland
In haar audiovisuele installatie Private objects neemt Nezaket Ekici de persoonlijke verhalen over kunstwerken en betekenisvolle voorwerpen van een gezin als uitgangspunt. Aan de familieleden werd gevraagd om een beschrijving van een kunstwerk of betekenisvol object te geven, maar bovenal om hun persoonlijke band ermee te verduidelijken. De voorwerpen, waarover de eigenaars spreken, zijn verwijderd uit de woning gedurende de loop van de tentoonstelling. De afwezigheid van de besproken beelden, die hun plaats enkel onder de vorm van een wit kader of witte box verraden, vormt het visuele leidmotief in de woonkamer. Als publiek worden we zo aangespoord om na te denken over onze omgang met kunst en de voorwerpen die ons omringen. Het concept van Private objects verduidelijkt de ruimtelijke en inhoudelijke keuzes die het gezin maakte om hun woonruimte in te vullen.
Elmgreen & Dragset -
°1961 in Kopenhagen, Denemarken; °1968 in Trondheim, Noorwegen, leven en werken in Berlijn, Duitsland
Drama queens is opgebouwd rond een tekst van de Britse auteur Tim Etchells. Het is een theaterstuk en videowerk met zes bekende sculpturen als hoofdrolspelers. De sculpturen zijn levensgrote, gemotoriseerde replica’s die met behulp van een afstandbediening bewegen op de scène. Drama queens is opgevat als een komisch stuk waarin de sculpturen bluffen over hun respectievelijke plaats in de kunstgeschiedenis en kibbelen over hun potentiële waarde op een kunstveiling. Etchells omschrijft Drama queens als een objectendrama, wat aansluit bij de Powerless structures, een belangrijk onderdeel binnen Elmgreen & Dragsets oeuvre. Hierin werken ze met alledaagse objecten of structuren die ons gedrag en onze perceptie van de ruimte bepalen. Dit inzicht is belangrijk als men het tentoonstellingsparcours van Coup de ville aflegt: sculpturen in de stedelijke omgeving zijn evenzeer objecten waarvan een conditionerende werking uitgaat.
JÃ¥rg Geismar -
°1958 in Burgsvik, Zweden, leeft en werkt in Düsseldorf, Duitsland
Het werk van Jarg Geismar demonstreert zijn interesse voor de manier waarop wij mensen in de publieke ruimte bekijken en hoe we hun identiteit afleiden op basis van hun uiterlijk. Of we bij de eerste aanblik iemand vertrouwen, hangt doorgaans af van hoe hij of zij eruitziet. Maar wat gebeurt er wanneer die uiterlijke kenmerken ontbreken? De titel van het werk, Blind trust II, is in deze optiek uiteraard ironisch. Voor het videowerk dat Geismar naast de uitgesneden figuren toont, vroeg hij aan de academiestudenten van de afdeling schoenontwerp en mode om hun favoriete schoeisel en kledij te dragen. Deze opnames worden in de tentoonstelling gecombineerd met de reële objecten, maar zonder duidelijke aanduiding van hun eigenaar.
David Hammons -
°1943 in Springfield, Verenigde Staten, leeft en werkt in New York, V.S.
De Amerikaan David Hammons is kunstenaar, muzikant en magiër. De installatie Chasing the blue train bestaat uit een reeks vleugelpiano’s, enkele hopen steenkool en een kleine stoomlocomotief die over rails door dit ‘landschap’ rijdt. Hammons verwijst met de piano’s naar de blues en de jazzmuziek die als typische kenmerken van de zwarte cultuur kunnen gezien worden. De kolen vormen niet alleen brandstof voor een locomotief, maar “coal†werd ook als scheldwoord gebruikt voor Afro-Amerikanen. Tijdens de harde sociale realiteit van de jaren 1920 en ‘30 voltrok zich de Great Depression. Vele zwarten waren genoodzaakt om per trein van stad tot stad te trekken op zoek naar werk in de steenkoolmijnen. In symbolische zin joegen zij hun geluk na, wat de titel Chasing the blue train verklaart. De woorden “blue train†verwijzen echter ook naar het latere gelijknamige album (1957) van John Coltrane.
bruikleen verzameling S.M.A.K., Gent
Bren Heymans en Djo Moembo -
°1975 in Antwerpen, België, leeft en werkt in Antwerpen, België
°1975 in Kinshasa, Democratische Republiek Congo, leeft en werkt in Momignies, België
In 2006 startten Heymans en Moembo het interculturele en grensoverschrijdende Bidontopia op. Bidontopia zoekt naar de ideale stad en hoe die verbeeld wordt in verschillende culturen. Een onderdeel van het project was een workshop (januari 2010) waarin asielkinderen in het WARP-koetshuis te Sint-Niklaas met klei en tekeningen hun idee van de ideale stad hebben vormgegeven. Voor Coup de ville verwerken Heymans en Moembo dit en ander eerder verzameld materiaal in een installatie die een antwoord wil bieden op de bijdrages van alle betrokken actoren. Het is geen eindpunt voor Bidontopia, dat zich ook na de tentoonstelling op organische wijze verder zal blijven ontwikkelen, eigenzinnig en procesmatig naar analogie met een (Afrikaanse) stad.
Eisa Jocson -
°1986 in Manilla, Filipijnen, leeft en werkt in Manilla, Filipijnen
Eisa Jocson wil het paaldansen losmaken van de sferen waarmee het gewoonlijk geassocieerd wordt, zoals exotisme, seksualiteit en groezelige clubs. In haar exploratie van het paaldansen als een artistiek gebaar legt de kunstenares het verband tussen het lichaam en de fysieke mogelijkheden die een stedelijke omgeving biedt. Haar werken, die ze onder de titel Stainless borders project groepeert, nemen het karakter aan van performances en refereren naar de straatacties uit de jaren 1960. Haar bijdrage aan Coup de ville bestaat uit verschillende tijdelijke interventies waarbij Jocson stelselmatig delen van de binnenstad verkent. Door de fysieke intensiteit duurden de acties nooit lang, maar confronteerden ze de toevallige voorbijgangers wel voor even met een ongewoon gedragspatroon. Op symbolische wijze transformeert ze de urbane omgeving tot een platform waar de persoonlijke creativiteit tot ontwikkeling kan komen en zet ze een proces van vitalisering in gang.
Tom Jooris -
°1971 in Gent, België, leeft en werkt in Wetteren, België
“Toen men mij vroeg om iets te doen met het hamburgerkraam van Eddy en Antonia Roosenboom, die hedendaagse kunst verzamelen waaronder ook mijn werk, dacht ik bijna meteen aan de slogan “Art is foodâ€. Kunst is immers ook voedsel, maar dan voor de geestâ€, zo stelde Tom Jooris in de aanloop naar Coup de ville. Jooris’ kunstwerk is nomadisch: het doet via het marktkraam verschillende wekelijkse markten in Vlaanderen aan en mengt zich zo onder een niet-gespecialiseerd publiek. Om het werk nog verder te verspreiden en bekend te maken, werkte Jooris een zeefdruk uit die aan de democratische prijs van één hamburger te verkrijgen is. Een dergelijke verkoopsstrategie stelt de ruilwaarde van kunst in vraag. Zijn uitgangspunt is het geestelijke kapitaal dat essentieel is voor elke samenleving, niet de commerciële opbrengst.
Ilya Kabakov -
°1933 in Dnjepropetrovsk, Oekraïne, leeft en werkt in Long Island, V.S.
De installatie My grandfather’s shed geeft eerst een indruk van verval en zal misschien niet onmiddellijk uitnodigen tot het betreden van de binnenkant. Wie echter het deurtje dat op een kier staat iets verder openduwt en naar binnen gaat, komt in een andere wereld terecht die baadt in een mystieke, miraculeuze sfeer. Naast de afwisseling tussen licht en donker speelt deze installatie ook met schaal en perspectief: vooreerst is er de plaatsing in een tentoonstellingsruimte, vervolgens wordt de bezoeker aan de binnenkant van de schuur geconfronteerd met een uitgestrekt landschap voorzien van een miniatuurengel. In het oeuvre van Kabakov domineert de mens en de relaties met zijn omgeving, met al zijn dromen en verlangens die bijdragen tot de ontsnapping aan een vaak dwingende en complexe realiteit. In dit werk biedt Kabakov een bezinning over utopie en werkelijkheid, over geborgenheid en vlucht. bruikleen verzameling M HKA, Antwerpen
Fatou Kande-Senghor -
°1971 in Dakar, Senegal, leeft en werkt in Dakar, Senegal
Fatou Kande-Senghor leidt in Dakar Waru studio, een kunstenaarscollectief dat zich van fotografie, kortfilm, documentaire, animatie en performance bedient. Met eigentijdse expressievormen onderzoekt Waru studio de Afrikaanse identiteit in het postkoloniale tijdperk. In een verduisterde ruimte horen we de stem van Fatou Kande-Senghor in relatie tot een lichtbox die ritueel geschoren mannen toont. Het is een foto die aansluit bij haar documentaire My piece of poetry die een initiatierite van de bevolkingsgroep Diola toont. Voor een buitenstaander is het onmogelijk om deze episode van dichtbij te volgen. Toch slaagde Fatou Kande-Senghor erin om, verkleed als man, in de nabijheid van het gebeuren te komen en dit gedeeltelijk te registreren. Ze is overtuigd dat deze rituelen een wezenlijke rol spelen in de vorming van de Afrikaanse identiteit.
Roland Kappel -
°1949 in Reutlingen, Duitsland, leeft en werkt in Mariaberg, Duitsland
Roland Kappel is een autistisch kunstenaar die werkt in Atelier 5 in het Duitse Mariaberg. In Coup de ville worden vier van zijn kunstwerken geëxposeerd, het zijn kranen en een baggermolen van verschillende grootte die in elkaar geknutseld werden met veel oog voor detail. In het algemene campagnebeeld van de tentoonstelling ziet men dezelfde appartementsgebouwen waar deze specifieke werken gepresenteerd worden. De foto is echter van 1968 en toont de opbouw van deze appartementen met een kraan die er bovenuit torent. Het idee van bouwen, groei of schepping spreekt nog steeds tot de verbeelding.
Silke Koch -
°1964 in Leipzig, Duitsland, leeft en werkt in Berlijn, Duitsland
Voor haar bijdrage aan Coup de ville is Silke Koch vertrokken van alledaagse voorwerpen uit de woonkamer die ze heeft verwerkt tot sculpturen en combineert met een video. Koch focust op de beeldvorming ten tijde van de Koude Oorlog en concludeert in dit werk dat de werkelijkheid vaak een heel andere wending neemt dan de toekomst die geproclameerd wordt. De film What is going to happen? speelt zich af tijdens een nucleaire countdown en toont in een dreigende atmosfeer de onzekerheid over de genomen beslissing tot het lanceren van een kernraket. Daarbij bouwt Silke Koch miniatuurraketten, een van de belangrijkste realisaties en symbolen uit de periode van de wapenwedloop tussen Oost en West. De titel van deze reeks, After gravity’s rainbow, gaat terug op een roman uit 1973 van Thomas Pynchon. Haar raketten zijn stapelingen van gebruiksvoorwerpen, decoratieve stukken of gerecycleerd inpakmateriaal. Koch ziet dit eenvoudige soort van design niet als waardenvrij, maar als onderdeel van een ideologisch systeem.
Oliver Lutz -
°1973 in Maine, Verenigde Staten, leeft en werkt in New York, V.S.
Het huis waar Oliver Lutz zijn werk tot stand brengt, kent een uiterst utilitaire ontstaansgeschiedenis. Dit oorspronkelijke arbeidershuisje werden gebouwd om er op het gelijkvloers grote zeildoeken te weven. Onbewust zette de voorgaande bewoner deze traditie van huisnijverheid voort door een smeerput aan te leggen in de oude werkruimte. De put die door de huidige eigenaars afgesloten werd, is door Lutz terug opengemaakt en vormt het focuspunt van zijn installatie. De kunstenaar legt het verband tussen behuizing, de auto en mobiliteit en vanuit de historische evolutie in de Verenigde Staten maakt hij de link met deze locatie.
Marcel Maeyer -
°1920 in Sint-Niklaas, België, leeft en werkt in Sint-Martens-Latem, België
Tot zijn dertigste woonde Marcel Maeyer, kunstenaar en hoogleraar kunstgeschiedenis aan de Gentse universiteit, in Sint-Niklaas. Zijn negentigste verjaardag én zijn nimmer stokkende artistieke productie vormt de aanleiding om hem een plaats te geven op Coup de ville. Die is enigszins apart omdat het een duopresentatie betreft met werken van zowel Maeyer als van zijn oom Alphonse Proost, die hem gevoelig maakte voor de kunst. De late vorm van impressionisme die Proost beoefende, is van grote invloed geweest voor de manier waarop de jonge Marcel de natuur weergeeft. Naast een reeks recente, efemere landschappen worden schilderijen getoond waarin de kunstenaar het mythologische thema van de roof van Europa heeft uitgebeeld. Zij contrastreren met de close-up van een verliefd koppel. In de triptiek ziet men, als een fotosequentie, drie verschillende fasen van een kus.
Wesley Meuris -
°1977 in Lier, België, leeft en werkt in Antwerpen, België
In de tuin van het Waasland Shopping Center installeert Wesley Meuris een open en toegankelijk platform waarin hij een kiosk verwerkt. Inhoudelijk heeft Meuris zich voor deze installatie op Luilekkerland (1567) van Pieter Bruegel de Oude geïnspireerd. De oude meester geeft er een verlokkelijk, maar vals droomland weer met gebraden ganzen die je vanzelf in de mond vliegen. Shoppingcenters zijn in zeker opzicht een moderne variant van dit oude visioen, zo stelt Meuris. Vandaar ook de titel van zijn werk: Consumers garden. In zijn installatie onderzoekt Wesley Meuris de kunstmatigheid van het winkelcentrum.
Net zoals er in vele shoppingcenters kunst gepresenteerd wordt, beschikken de meeste musea vandaag ook over locaties voor kunstmerchandising. De kunstenaar stelt zo de vraag hoe leefbaar een specifieke of afwijkende identiteit kan zijn in een door de consumptie voortgedreven samenleving.
Nandipha Mntambo -
°1982 in Mbabane, Swaziland, leeft en werkt in Kaapstad, Zuid-Afrika
Nandipha Mntambo onderzoekt binnen haar oeuvre de positionering van de vrouw als strijdbare figuur in de samenleving, de geschiedenis en de mythologie. In haar videowerk Ukungenisa neemt Mntambo de nog steeds omstreden rol van vrouwelijke torero op zich. Mntambo is uitgedost in torero-kledij, maar vreemd aan deze uitrusting zijn echter de gelooide koeienhuiden die ze op de rugzijde draagt. Enerzijds fungeren ze als een soort harnas, maar ook verwijzen ze naar de relatie tussen het dierlijke en het menselijke. De bewuste keuze van een verlaten arena in Mozambique berust op het verleden. Tijdens de periode van het kolonialisme streden zwarten op deze locatie om hun leven tot vermaak van de Portugese heersers. Mntambo herneemt dit gevecht, maar de leegte van de arena suggereert de eenzaamheid van de existentiële strijd.
Haifeng Ni -
°1964 in Zhoushan, China, leeft en werkt in Beijing, China en Amsterdam, Nederland
De plaatsing van de installatie Para-production op een zolderkamer van het Walburgkasteel speelt in op het historische verleden van deze plek. In de 19de eeuw heette dit kasteel het Zeildoekhof en vervulde het een belangrijke rol in de lokale textielproductie. Para-production bestaat uit antieke, nog werkende naaimachines en textielresten die de kunstenaar uit China importeerde. Tijdens de tentoonstelling verwerkt een groep vrijwilligers de lappen stof tot een gigantisch stuk textiel. Wat op die manier wordt gemaakt, voltrekt zich zonder economische ambitie of met het oog op rendement. Het kunstwerk richt zich op participatie en creëert een sociale dimensie door personen aan de verdere realisatie ervan te laten deelnemen. Zo wil de kunstenaar via zijn werk en de bijbehorende handelingen tegemoetkomen aan de nood tot sociale contacten.
Honoré d’O -
°1961 in Oudenaarde, België, leeft en werkt in Gent, België
Wat gebeurt er wanneer een kunstenaar de natuur wil bevrijden uit het rigide keurslijf dat haar wordt opgelegd, maar ze tegelijk opnieuw in een speelse vorm dirigeert? Het resultaat is een fantasierijke installatie die letterlijk en figuurlijk een vreemde wending is van de realiteit en die een poëtische balans vormt tussen harmonie en chaos. Honoré d’O onthult hier niet enkel zijn alternatieve visie op de natuur, maar wil ook een weerwoord bieden op de natuurwetten die ons petje te boven gaan. Het is Honoré d’O precies om de betovering en onttovering te doen. Niet alleen de waarneming van de ingreep is belangrijk, maar ook de observatie van degenen die ze ontdekken. Hij leidt ons weg van het getemde denken, weg van de verkaveling van onze geest, en brengt ons naar de ontdekking van de wildernis.
Hans Op de Beeck -
°1969 in Turnhout, België, leeft en werkt in Brussel, België
De betreedbare installatie Secret garden van Hans Op De Beeck gaat voort op het artistieke onderzoek uit de periode rond 2001, maar werd pas gebouwd in 2010. Centraal in het werk staat de humanisering en de domesticatie van de omgeving. Hij evoceert een artificieel stukje natuur dat exemplarisch kan zijn voor de besloten tuintjes die gekneld zitten tussen de muren van de eigendommen binnen het stedelijke weefsel. Op de Beeck benadrukt het fictionele aspect van dit werk en verwijst naar de functie van het geheugen bij de creatie. Hij stelt de vraag hoe men zich een tuin die men ooit bezocht, herinnert. Uit dit raakpunt tussen verbeelding en realiteit, feit en fictie is zijn kunstwerk ontstaan. Hoewel het geen effectief landschap betreft dat met superlatieven mag omschreven worden, ensceneert de installatie de poging tot de creatie van een veilig paradijs.
Karl Philips -
°1984 in Kinrooi, België, leeft in een camper en werkt in Gent
Philips onderzoekt de (semi)publieke ruimte vanuit het standpunt van de financieel noodlijdende en hoe die erin met een minimaal comfort kan overleven. Zijn Surplus city guide Sint-Niklaas is een kaart van het stadscentrum waarop plaatsen worden aangeduid en onder verschillende noemers worden ondergebracht. Wie niet over bepaalde zaken beschikt, ziet zichzelf al gauw in de marge gedrukt of in de criminele sfeer. Ook vestigt de kunstenaar op deze manier de aandacht op plaatsen waaraan men meestal achteloos voorbijgaat, maar die wel de mogelijkheid bieden tot beschutting of rust. De stadsgids van Karl Philips is goedkoop en gemakkelijk te fotokopiëren. Ze is gedurende de ganse vrij tentoonstelling beschikbaar. In de Baenslandwijk, een van Philips’ favoriete plekken, plaatste de kunstenaar een caravan met binnenin een neerslag van zijn overlevingsstudie in Sint-Niklaas.
Tere Recarens -
°1967 in Barcelona, Spanje, leeft en werkt in Berlijn, Duitsland
In haar werk, dat balanceert op de rand van de niet-kunst, zoekt Tere Recarens steeds de interactie op met de omgeving en de personen die daarvan deel uitmaken. De kunstenares dompelt zich daarbij onder in situaties waarbij ze zich openstelt voor zowel de verdoken als de populaire zijde van de samenleving.
In de voorbereiding van Coup de ville liep Recarens verschillende periodes mee met de lokale ochtendploeg die vanaf 6 uur ‘s morgens het vuilnis ophaalt. Ook al is die arbeid dan noodzakelijk voor de werking van een gemeenschap, toch gebeurt ze bijna onopgemerkt en kent ze weinig waardering. Foto’s van de twee ploegen van de reinigingsdiensten verschijnen als posters en als banner in de tentoonstelling.
Giovanni Rizzoli -
°1963 in Venetië, Italië, leeft en werkt in Venetië en Milaan, Italië
Wanneer Rizzoli een historische volière in een tuin ontdekt, leidt dit tot een verwerking van de thematiek van gevangenschap en geborgenheid. Een tekening die de kunstenaar reeds in 1991 realiseerde, vormt de basis voor zijn sculptuur, Naughty girl, in wit gelakt aluminium. Ze stelt een vrouwelijk lichaam voor met een enkele borst en een gehoornd hoofd dat uitloopt in een parasolletje. Omgeven door een hoge kooi steunt de figuur met haar knieën op een schommel die zacht meebeweegt met de wind. Rizzoli ziet een verband met de frivoliteit van de 18-de eeuwse rococoperiode en stelt dat de figuur gelukkig is in haar kooi. Zoals hij aangeeft, gaat de installatie over de vrijheid binnen een zelfgekozen ruimte, die beschermend werkt.
Egill Sæbjörnsson -
°1973, Reykjavik, Ijsland, leeft en werkt in Berlijn, Duitsland
Voor Coup de ville heeft Sæbjörnsson opnames gemaakt van de sculpturen die op het Stationsplein en het Regentieplein staan. De beelden filmde hij vanuit een rijdende auto, waardoor je het idee van een roadmovie krijgt. Sæbjörnsson speelt met onze verwachtingen, of beter gezegd: met wat we juist niet zouden verwachten. We volgen de kunstenaar op zijn reis door de stad die er plots anders gaat uitzien. Deze film wordt getoond in een installatie waarin verschillende objecten geanimeerd worden. Sæbjörnsson kiest niet voor voorwerpen die de sfeer van een roadmovie ondersteunen, maar net voor objecten die eigenlijk heel banaal zijn, zoals een emmer of een houten stokje. Deze combinatie van de film en de voorwerpen levert een bevreemdende, surrealistische indruk. De kunstenaar laat zien dat de dingen veel kunnen zijn, niet in het minst binnen onze verbeelding.
Kelly Schacht -
°1983 in Roeselare, België, leeft en werkt in Gent, België
Kelly Schacht koos als locatie voor haar installatie Backdrop geen hoogstaande stukje architectuur of een gebouw met een unieke geschiedenis. Ze opteerde voor een gewone garagebox zoals men die overal in Vlaanderen vindt. Toch is dit een unieke plaats binnen het parcours, zo zegt Kelly Schacht. Je bent er weg van de wereld en staat er tegelijk middenin. De garage is eveneens een grensgebied tussen de private en publieke ruimte, een transitzone. “Het deed me denken aan het verhaal van Alice in Wonderland en haar val in het konijnenholâ€, vertelt Schacht. Ze realiseert een installatie met letters die rechtstreeks uit het straatbeeld van Sint-Niklaas komen en (met toestemming) in bruikleen heeft genomen. Na de tentoonstelling zullen ze door de kunstenares worden teruggeplaatst. Schacht beschouwt haar actie als letterlijke uitsnedes uit het straatbeeld en condenseert de stad in een bescheiden ruimte.
Bart Stolle -
°1974 in Eeklo, België, leeft en werkt in Mechelen, België
Een belangrijke notie in het werk van Bart Stolle is afstand, zowel in termen van ruimte als van tijd. Door middel van abstrahering en gebruikmakend van elementaire vormen, zoekt hij naar het essentiële in kunst en beschaving. Bart Stolle presenteert objecten waarvan meer dan de helft verweesde zaken zijn die hij op stranden bij grootsteden vond. In de objets trouvés zoekt hij de ziel die hij vervolgens tot eigen beelden verwerkt. In de gepresenteerde films vergroot hij de objecten uit en verschijnen ze in een ruimtekolonie, waar de mens in een soort van golfbalconstructies leeft omdat hij de planeet diende te ontvluchten als gevolg van zijn desastreuze consumptiegedrag. Stolles installatie houdt het midden tussen een laboratorium en een rariteitenkabinet waar dingen verlost zijn van hun oorspronkelijke gebruiks- en ruilwaarde. Stolle stelt zich de vraag wat in de toekomst belangrijk zal zijn voor deze wereld.
Stefanos Tsivopoulos -
°1973 in Praag, Tsjechië, leeft en werkt in Amsterdam, Nederland en Athene, Griekenland
Lost monument verhaalt van de zwerftocht van een vier meter hoog, bronzen standbeeld, waarop twee boeren stoten tijdens het bewerken van een akker. Ze slagen er niet in om de sculptuur te identificeren en besluiten om zich van dit onbekende beeld te ontdoen, een handeling die zich verschillende keren herhaalt. Pas aan het eind van de film wordt duidelijk dat het een sculptuur van de voormalige Amerikaanse president Harry Truman (1884-1972) betreft. Zonder expliciet in te gaan op de Koude Oorlog of de dictatuur onder het Griekse kolonelsregime (1967-1973) toont Tsivopoulos de omgang met een kunstwerk dat als machtssymbool geconcipieerd werd. Lost monument kan men in deze optiek zien als een allegorie over standbeelden die ter wille van een ideologische functie in de publieke ruimte geplaatst worden.
Veronika Tzekova -
°1973 in Vratsa, Bulgarije, leeft en werkt in Sofia, Bulgarije
Voor Coup de ville werkt Veronika Tzekova op de binnenkoer van het Moelandkasteel, dat onderdeel uitmaakt van een ziekenhuis. Het is bij uitstek de plaats waar men zich de vraag stelt wat men verkeerd heeft gedaan en hoe dit hersteld kan worden. Switchables is een installatie die uit banken bestaat, met iedere keer een woord op een lichtbox die aan- en uitgezet kan worden. Aan het personeel van het ziekenhuis vroeg de kunstenares om woorden aan te leveren, waarvan ze wensen dat ze veranderd kunnen worden in het persoonlijke leven. Hieruit selecteerde Tzekova er enkele, zoals “geheugenâ€, “verlangenâ€, “ongeneeslijkâ€, “politiekâ€, “nationaliteit†en “sekseâ€. Het aan- en uitzetten van de lichtboxen simuleert wat met de computer wel mogelijk is: door het indrukken van de toetsen ‘Ctrl + Z’ is het mogelijk om een fout ongedaan te maken.
Guido van der Werve -
°1977 in Papendrecht, Nederland, leeft en werkt in Helsinki, Finland en New York, Verenigde Staten
De film Nummer acht. Everything is going to be alright van Guido van der Werve wordt geprojecteerd in private parkeergarage. Zijn werk vindt zijn aansluiting bij de 19de-eeuwse romantische traditie, meer bepaalt het sublieme in de natuur en emotioneel affect. Van der Werves werken draaien vaak rond een grote droom om de nietigheid van de existentie te overstijgen. Het besef van het absolute zuigt Van der Werve naar de grenservaring, wat expliciet tot uiting komt in Nummer acht. Everything is going to be alright. In de panoramische kadrage verschijnt het hoofdpersonage - de kunstenaar zelf - miniscuul tegenover een poollandschap. Hij wordt achtervolgd door een gigantische ijsbreker die de vaste materie achter hem openrijt. In tegenstelling tot de romantische periode komt de bedreiging hier niet van de natuur, maar van de door de mens ontworpen mechanische mogelijkheden.
Anne-Mie Van Kerckhoven -
°1951 in Antwerpen, België, leeft en werkt in Antwerpen, België
Anne-Mie Van Kerckhoven bouwt sinds de jaren 1980 haar artistieke carrière uit en geldt thans als een van de toonaangevende Belgische kunstenaars met internationale waardering. Goldfinger bestaat uit een plexibox en tekeningen, met als locatie een schoonheidsinstituut. Geïnispireerd op het James Bond-personnage, verwerkt Van kerckhoven het macho-imago tot een verknipt meerlagig beeld met representaties van vrouwen, tekst en reflecterende gedeelten. Het machiavellistische aspect keert terug in aparte tekeningen met de titel Il principe. De tekeningen tonen elk een classificatie van gekleurde cirkels of orbs, waaraan tekst toegevoegd is, en verbeelden een kosmologisch systeem. De kunstenares legt daarbij het verband met de ficties, die de massamedia opbouwt, en met de publicitaire strategieën van de kosmetische branche, waarin zaken beloofd worden die niet waargemaakt kunnen worden.
Hannes Van Severen -
°1979 in Gent, België, leeft en werkt in Gent, België
Hannes Van Severen maakt in zijn werk een verbinding tussen realiteit en verbeelding. De kunstenaar vertrekt van een bestaand gebruiksvoorwerp, doorgaans een meubelstuk, dat hij vervormt en verandert. Op die manier berooft hij het voorwerp van zijn oorspronkelijke functionaliteit en laat hij de esthetische waarde primeren. Via deze vervorming wil Van Severen onze herkenning doorbreken, de vanzelfsprekendheid van onze realiteit in vraag stellen en de absurditeit rond ons tonen. Hij kan als een saboteur van de vanzelfsprekendheid omschreven worden. Op Coup de ville realiseert Hannes Van Severen een dubbele houten wenteltrap in een woonkamer en presenteert hij een betonnen versie in open lucht. Deze vormen isoleert de kunstenaar uit hun vertrouwde context en laat ze als zelfstandig object in de ruimte staan. De trap wordt op die manier een ‘klassieke’ sculptuur die zich een weg in de ruimte baant.
Eva Vermandel -
°1974 in Sint-Niklaas, leeft en werkt in Londen, Groot-Brittannië
Eva Vermandel geniet naam als portretfotografe, werkt voor diverse magazines, maar ontwikkelt daarnaast ook een autonoom oeuvre. Als pas afgestudeerde vestigde ze zich in Londen, waar ze sindsdien woont. De foto’s die Vermandel in het Koetshuis presenteert, gaan in op de vraag waar zich haar thuis bevindt - Londen of Sint-Niklaas, waar ze haar jeugd spendeerde. De kunstenares combineert onder de titel De zachte gloed van tijdloosheid verschillende werken, gaande van een landschap over een serie portretten tot een grafisch werk. Het streven naar tijdloosheid uit zich in haar zoektocht om het rechtlijnige te vinden in een wereld die zwaar versnipperd is door digitalisering en globalisering. Haar foto’s willen het onwezenlijke, het ontastbare vastleggen: de ruimte tussen gebeurtenissen in het dagelijkse leven waarin we even stilstaan en onze gedachten laten gaan.
Marc Verstockt -
°1930 in Lokeren, leeft en werkt in Fays en Antwerpen, België
Een belangrijke aanleiding om Marc Verstockt uit te nodigen voor Coup de ville was het verdwijnen van zijn 18 meter hoge sculptuur Het signaal uit 1972. Bij de uitbreiding van het koopcentrum in 2004 werd de sculptuur in cortenstaal verwijderd en vervangen door een hoge reclamezuil. Niemand weet echter waar Het signaal naartoe werd gebracht. Als minimale compensatie en om zijn belang voor de nationale kunstgeschiedenis te benadrukken, wordt in de tentoonstellingszaal Zwijgershoek een sculptuur van Verstockt gepresenteerd. Het is een vloergebonden constructie, bestaande uit geometrische en witte L-vormige volumes die tegen elkaar aanleunen. De seriële opbouw lijkt het werk in de oneindigheid te doen uitlopen en zorgt voor de visuele verbinding tussen de andere twee expositieruimtes.
Martin Walde -
°1957 in Innsbruck, Oostenrijk, leeft en werkt in Wenen, Oostenrijk
Martin Walde onderzoekt basismaterie, die hij omschrijft als global substance. Hij exploreert de mogelijkheden van materialen om voorwaarden te scheppen die de individuele creativiteit stimuleren. De werkwijze en kunstwerken, die zo ontstaan, groepeert de kunstenaar onder de noemer Hallucigenia. De installatie die hij realiseert voor Coup de ville sluit hierbij aan en combineert silicone en houtskoolstaven.
Het gaat Martin Walde, ondanks de beperking van materialen, om de oneindigheid aan mogelijkheden die ontstaan. Het kunstwerk is een instabiel ruimtelijk systeem dat voortkomt uit de technische en artistieke beslissingen van de kunstenaar. Walde ziet een parallel tussen zijn werkwijze en het primaire ontstaan van materie of vormen tijdens de oerfase van de evolutie.
Biomodd Workshop olv Angelo Vermeulen
Het internationale kunstproject Biomodd werd door Angelo Vermeulen opgestart in 2007. De basisidee is om een netwerk van gerecycleerde computers in symbiose te doen samenleven met een klein ecosysteem. Het gaat hierbij in eerste instantie om het tot stand brengen van diverse vormen van ‘communicatie’ tussen de elektronische en biologische wereld door middel van een voortdurende uitwisseling van data en energie. Deze versmelting van het digitale en het organische wordt, in de versie van een workshop, gerealiseerd met lokale groepen geïnteresseerden in diverse landen en culturen. Voor de Biomodd workshop in Sint-Niklaas is van 16 tot 20 augustus met een team jongeren geëxperimenteerd in de kelders van de Stedelijke Openbare Bibliotheek. Computers werden verzameld en herwerkt tot kleine sculpturale opstellingen waarin ook planten en algen geassimileerd zijn.
Multimedia :
|